Sailing Vessel    Lizzy   ...   Waar   in   2009    (Home, Wie, Wat, Waar, Wx, Links)
2009


kaartje Carieb

(Terug naar eind 2008)

Samen met de bemanning van o.a. de Witte Raaf, de Scorch en de Copernic hebben we heel leuk oud en nieuw gevierd op een piepklein onbewoond eilandje net achter onze boot bij een groot kampvuur.
Timo en Annemieke wonen ernaast op een zelfgebouwd waterbungalowtje. Hij was de animator van het geheel en zorgde voor lekkere gitaarmuziek. Er waren natuurlijk zelfgebakken oliebollen en genoeg drank.
  
Lizzy-jan-2009-van-Berend


Zolang we op Curaçao of Bonaire zijn wordt er niet zoveel op de website geschreven. Onze dagen gaan voorbij met klussen, zwemmen, wandelen, lezen etc. etc., het is niet zo interessant om daar steeds over te schrijven.

Toen de wind een paar dagen even wat minder was zijn we ook deze maand een keertje naar Bonaire geweest via Klein-Curaçao en Fuikbaai. Marijke had daar een zonnebril gekocht met geslepen glazen, dus duur, deze was kapot gegaan en kon onder garantie weer worden omgeruild.

Deze keer hadden we ons niet uitgeklaard en dat scheelde een hoop heen en weer geloop naar de douane en de immigratie op beide eilanden. Officieel wordt je geacht uit- en in te klaren ondanks dat beide eilanden nog onderdeel van de Nederlandse Antillen zijn en vlak bij elkaar liggen.

Bonaire vinden we leuk door het kleinschalige (geen auto nodig) en het heldere water. Ook kan je direct vanaf de boot mooie duiken maken.
Curaçao heeft ook zijn charme, er is altijd veel te doen, er zijn goede winkels en via Timo zijn we op hele mooie plekjes geweest waar weinig of geen mensen komen. Ook hier kan je prachtige duiken maken, je moet er dan wel wat voor doen want op het Spaanse Water is het niet zo helder.
Ondanks dat er busjes rijden naar de grote supermarkten, huren we altijd een goedkope auto, we kunnen dan makkelijk overal naar toe op onze eigen tijd.

Dinsdag 27 januari gaat Marijke even naar Nederland, (klein-)kinderen zien. Ze krijgt onmiddellijk de heersende griep en is een week uit de running.
Carnaval 2009 Bonaire - 1
   "Long term cruising is simply fixing your boat in increasingly exotic locations". De engelsen kunnen dat zo mooi zeggen. Het lijkt wel of iedereen op het Spaanse Water constant bezig is met klussen. Ook wij zijn daar steeds mee bezig. O.a. moesten onze accu's worden vernieuwd, deze waren eind december al besteld maar het had nog al wat voeten in de aarde voordat ze geleverd konden worden. Dinsdag 10 februari was het eindelijk zo ver. Hans en Linda van de Baros hebben mij geholpen met het verschepen en installeren, hierdoor werd het een eenvoudiger klus dan ik had verwacht.

Donderdag 12 februari komt Marijke weer terug op de boot en 2 dagen later gaan we op bezoek bij haar vriendin Heleen die met man Evert een huisje hebben op Banda Abao, zij waren ook op Bonaire maar daar hadden we ze gemist.

Maandag 16 februari houden we Curaçao voorlopig even voor gezien.
Op Bonaire zien we onze buren Ilona en Wim, die hier zijn in verband met de aankoop van hun appartement.

We pikken hier het carnaval mee dat met veel plezier wordt gevierd, een heerlijk verleidelijk mengsel van muziek, kleuren en sexy dansen.

  
Carnaval 2009 Bonaire - 2
Het plan is om naar het noorden te varen richting Jamaica, eventueel kunnen we dan ook nog Cuba, Haïti (Ile a Vache) en de Dominicaanse Republiek aandoen. In mei moeten we weer terug zijn op Bonaire omdat Monique, Ringo, June en Lily dan weer langs komen.

Donderdag 26 februari: Na de dieseltank vol gegooid te hebben vertrekken we om 11:30 uur van Bonaire. We varen langs de westkust, waar de wind nog even toeneemt tussen de heuvels die daar zijn.
Het eerste stukje in de lij van het eiland is het heerlijk zeilen, maar later midden op zee is het weer als van ouds: rock and roll! Er dondert weer van alles door de boot heen en het wordt weer heel vermoeiend om je te verplaatsen. Met gemiddeld zo'n 20 kts wind gaan we rond de 7 kts naar het noordwesten, richting Jamaica.

Tijdens het avondeten hebben we een grote vis aan de lijn, na een tijd binnen halen breekt plotseling de vislijn, vis kwijt en ook de molen is kapot.

's Nachts varen we door een gebied met veel regenbuien, waar natuurlijk ook veel wind in zit. Een paar keer varen we 9 kts, wat erg veel is voor onze Lizzy.

Vrijdag 27: Midden in de nacht ziet Marijke water op de grond en proeft dat het zout is, gelijk erna staat ze onder een zoute douche. Onze bovenluiken staan normaal gesproken op een heel klein kiertje en met een hoes eroverheen krijgen we nooit iets binnen. Helaas kregen we nu net een paar grote golven massief water over en is alles zout op de grond en op de banken. Gelukkig is de computer en andere elektronica droog gebleven.

Na een etmaal varen hebben we 170 Nm afgelegd, dit is geflatteerd want we hadden wel stroom mee. De totale afstand naar Jamaica is ongeveer 600 Nm. De vooruitzichten zijn dat de wind afneemt en krimpt dus het zal niet zo snel blijven gaan.
Port Morgan
   Zondag 1 maart: Na nog eens de informatie doorgelezen te hebben die over Ile a Vache, Haïti op de computer staat (gekregen van medezeilers) besluiten we het rollen even te onderbreken. Ook de wind zou een paar dagen sterk afnemen volgens de verwachting.

Om 15:00 uur maken we vast aan een mooring in een schitterend baaitje, Port Morgan, vernoemd naar de beruchte piraat die zich hier ooit schuilhield. We liggen voor een mooi hotel, gebouwd in Haïtiaanse stijl tegen een heuvel.
Onmiddellijk worden we belaagd door tientallen kano's met kinderen en ook wel grote mensen die van alles voor ons willen doen en dit blijft zo de hele dag verder doorgaan. We geven een van de voetballen weg die we speciaal voor dit doel hebben aangeschaft, men belooft plechtig dat de bal voor algemeen gebruik is voor de kinderen van het dorp, later horen we van één van de kinderen dat de bal op de markt is verkocht. Pennen en schriften worden gretig in ontvangst genomen en tekeningen stromen binnen.

  
Haiti
We voelen ons niet onveilig maar hebben wel het idee dat we goed op de losse spulletjes moeten passen. Van een Noors jacht, wat verderop voor anker ligt, wordt ook iets kleins uit de kuip weggenomen. Ze komen, samen met wat andere boten, dichtbij het hotel liggen, men zegt dat hier bewaking is.

In het algemeen zijn de mensen hier erg vriendelijk en niet vervelend.

Maandag 2 maart: Er is vandaag markt in Madame Bernard, een dorpje verderop. Het is anderhalf uur lopen, je kan er ook met de dinghy naar toe of te paard, auto's zijn hier niet. Tot mijn verbazing kiest Marijke voor de laatste optie.
Het wordt een prachtige tocht door heuvels begroeid met mangobomen, palmen, koeien en kippen. We komen langs idyllische baaitjes, langs de typisch Haïtiaanse huisjes met overal veel kindertjes en langs vissers bezig met hun netten als we hier en daar een stukje langs de zee rijden.

Op een gegeven moment als we op het strand rijden zakt mijn paard spontaan in elkaar, ik heb medelijden met het beestje en neem me gelijk voor om af te vallen, volgens onze gidsen komt het omdat ie gewassen wil worden bij de zee. Later gebeurt het nog een paar keer, steeds op het zand gelukkig en niet in de modder.

Ile-a-Vache
   De markt zelf is druk, het is ook erg modderig van de zware regen die vanmorgen gevallen is. We kopen wat tomaatjes en pompelmoezen en houden het snel voor gezien. Janneke, die hier met een franse boot is, en met de dinghy naar het dorp gekomen is, wil graag te paard terug en ruilt met Marijke die maar wat blij is dat ze niet de hele weg terug op het paard hoeft te zitten.

Woensdag 4 maart: De internetverbinding is hier lastig en niet snel en ook de ontvangst met de kortegolfradio houdt niet over, maar het lijkt erop dat de wind de rest van de week behoorlijk gaat toenemen. We stellen ons vertrek naar Jamaica uit om nog even te blijven genieten in dit paradijsje.

Vandaag is de immigratie langs geweest, zeer correct, vlot en geen gezeur om fooien. Een paar mooie stempels in ons paspoort erbij voor US $ 40, we zijn nu officieel in Haïti!

Bij alle boomkano's die langs komen zijn er ook met vers fruit en verse kreeften, erg lekker!

Vrijdag 6 maart: tijdens een wandeling in de buurt komen we achter een heuvel bij een prachtig ongerept strand met aan het einde daarvan een smaakvol hotel zonder gasten. We eten er een sandwich en genieten daarna aan het water van de rust en het magnifieke uitzicht.

NB In het Abaka Bay hotel is een goede mecanicien, hij weet alles van (bb-)motoren.

Aan de andere kant van het strand komen we nog een paar vissers tegen die hun bootje aan het breeuwen zijn.

Geert van der Kolk is een Nederlandse schrijver die in Amerika woont. Op het strand van Port Morgan bouwt hij samen met een paar lokalen een traditionele vissersboot, hiermee wil hij via de Bermuda's naar Miami zien te komen in verband met een verhaal over Haïtiaanse bootvluchtelingen.
Binnenkort vertrekt hij.

Dinsdag 10 maart: Na 26 uur rollen (160 Nm) zijn we nu in de haven van Port Antonio op Jamaica. Tijdens de nacht hebben we mooi kunnen zeilen met een goede ruime wind. Het eerste en laatste gedeelte moesten we motoren omdat de wind zwak was en recht van achteren kwam.
Ook deze keer weer een vis aan de lijn, helaas verdween onze onbekende punker na een grote knal met aas en al.

Erroll Flynn Marina lijkt een mooie rustige jachthaven, goed beschut achter een eiland. De ontvangst was allerhartelijkst, behalve uitgebreide documentatie kregen we ook gelijk post overhandigd, een chip voor de watermaker die we hier naar toe hadden laten sturen.
's Middags staan op diverse boten rondom ons de radio's flink hard aan, helaas op verschillende zenders...

  
Rio Grande, Jamaica
Donderdag 12 maart. Hier niet ver vandaan stroomt de Rio Grande van de Blue Mountains door een mooi regenwoud naar zee. Wij zijn met de auto een stuk stroomopwaarts afgezet en op een houtvlot gedropt. Het vlot bestaat uit lange bamboe-palen met achterop een verhoging, ook gemaakt van bamboe. Onze captain, Samuel Burke, bleek een hele aardige rustige man, hij stuurde ons feilloos over de ondieptes en door de stroomversnellingen.
Halverwege, op een droog stuk rivierbedding, was een primitieve uitspanning waar een vrolijke en hartelijke Belinda ons stond op te wachten met een heerlijke warme lunch.
Na het eten ging het verder richting zee. Af en toe kregen we een regenbui over ons heen, gelukkig hadden we een waterdichte tas bij ons voor de spulletjes en zelf kropen we romantisch onder een handdoek.
Ondanks de regen was het een fantastische tocht door prachtige natuur.

Na eerst 2 dagen in de jachthaven zelf gelegen te hebben zijn we nu verkast naar een mooring wat verderop. Achter maakten we vast aan een grote ton, zodat we niet steeds liggen te draaien en goede WiFi ontvangst blijven houden. ook kunnen we nu af en toe lekker zwemmen.

Het lawaai van de omringende boten zijn we kwijt, maar 's avonds barsten de disco's los, helaas niet met lekkere reggae, maar met onmuzikale rap. De mooie omgeving overdag maakt echter weer veel goed.

Vlakbij in het dorp is een uitgebreide markt met verse groente en veel fruit. Er zijn echter geen kiwies te koop, die we tot nog toe elke dag gegeten hebben, zodat Rudi na jaren weer eens heel erg verkouden is.
Op straat laten we ons verse kreeften aansmeren die we na wat onderhandelen voor de helft van de vraagprijs kunnen krijgen.

Anna Banana's is een leuk restaurant aan de oostelijke baai, een eindje lopen. Terug, met een tas vol boodschappen, nemen we een lokale taxi. De chauffeur leek een beetje stoned, hij wilde ons ook wel wat ganja verkopen. We zijn hier maar niet op ingegaan...
De sfeer op straat is erg relaxed, hier en daar wat wazige blikken en bijna altijd een vriendelijke groet.

Frenchmans Cove
   Donderdag 19 maart: Volgens de reisgids moesten we jerk food gaan eten in Boston, een plaatsje ongeveer 10 km langs de kust naar het oosten. We hebben daar inderdaad erg lekkere jerk kip gegeten, maar verder was daar weinig te doen.

Afgelopen dinsdag zijn we naar Frenchmans Cove gegaan, een heel mooi strandje met aan beide zijden rotsen, waar je ook iets kan eten.

Tot onze verbazing komt woensdag een bekend schip de haven binnenvaren, het is de Elan met Berend en zijn broer aan boord. Berend hadden we al een paar keer op Bonaire en Curaçao ontmoet. O.a. zijn we in januari vanaf Klein-Curaçao gelijk opgevaren en heeft hij mooie foto's van ons gemaakt met de parasailor op.
Het weerzien hebben we natuurlijk gevierd met een etentje bij Anna Banana's.
Berend is van plan om half mei via de Azoren terug naar Nederland te gaan.

Vandaag lijkt het weer gunstig om naar Cuba te gaan. We vertrekken 's middags om 3 uur. De koers is Noornoordoost, schuin tegen de passaat in, die hier tussen de bergen van Cuba en Hispaniola aardig kan doorzetten (dit wordt de Windward Passage genoemd).

Vrijdag 20 maart: Na ongeveer 21 uur motoren worden we allerhartelijkst ontvangen in de marina van Santiago de Cuba, niet ver van de ingang van een grote natuurlijke baai.
  
Straatbeeld Cuba

We hadden van andere boten al gehoord dat het inklaren in Cuba nogal omslachtig is, nu dat klopt:
Om te beginnen kwam een charmante dokter aan boord om onze gezondheid te bekijken. Na haar bezoek mocht de gele quarantaine-vlag naar beneden om de weg vrij te maken voor de anderen.
Er kwamen 2 man van de veterinaire dienst om alle etenswaren nauwkeurig te inspecteren, één pak spaghetti werd meegenomen voor nader onderzoek onder de microscoop (NB, een dag later weer terug gekregen met een kus).
Vervolgens kwam de douane aan boord, in totaal 8 man. Eerst de baas voor een interview, daarna 2 met (lieve) honden die na elkaar alles moesten besnuffelen, vervolgens 2 mannen met handschoenen die uitgebreid alles bekeken waarbij zowat alle flesjes en potjes werden geopend en alle kastjes binnenstebuiten gekeerd. Ze werden gevolgd door 2 man die allerlei formulieren invulden en een aardige jongen die ons uitgebreid aan de tand voelde over eventueel drugsgebruik.
Na de douane kwam er nog iemand kijken of er ergens muggen of andere beestjes verstopt waren.
Iedereen was even vriendelijk en de meesten deden zelf hun schoenen uit, een paar vroegen of ze hun (gym-)schoenen mochten aanhouden.
Ongeveer 3 uur later was alles in orde en mochten we eindelijk van boord.
Ons werd een restaurantje aanbevolen waar we met de boot van de marina naar toe konden varen. Dat we nog geen lokaal geld hadden was geen probleem, we konden de volgende dag wel betalen.

Aan het eind van de middag kwamen Montserrat en Salvador van de Lycka, een spaanse boot, die we in Haïti al gezien hadden, een borrel halen, ze werden vergezeld door Nick, een Ier op een engelse boot, even later gevolgd door Lindes en Per van een noorse boot. Het werd een vrolijke kakofonie van engels en spaans, en Marijke maar vertalen...

Casa de la Trova
   Zaterdag 21 maart: Na geld gewisseld te hebben op het vliegveld (niet zo ver van de jachthaven) zijn we naar de stad gegaan om de de lokale sfeer op te snuiven en de bezienswaardigheden te doen.
Bij het museo de Ron (rum-museum) hebben we in stijl onze eerste mojito gedronken, de nationale drank van Cuba.

's Avonds kwamen Montse, Salvador en Nick ook naar de stad om samen te genieten van de muziek bij Casa de la Trova, een oud open huis met een veranda in de Calle Heredia, de beroemdste en feestelijkste straat van Santiago.
Het was net een film: de oude huizen, stokoude amerikaanse auto's die langzaam door de straten reden, de heerlijke merenque en salsa, de meisjes van plezier en het enthousiaste publiek dat af en toe heel mooi aan het dansen was.
Om een uur of drie, vele mojito's later, gingen we in een oude amerikaanse Desoto uit 1946, binnen vol uitlaatgassen, weer naar de boot.

Zondag 22 - vrijdag 27 maart: De rest van de week hebben we het nog eens dunnetjes overgedaan, o.a. naar de Casa de las Tradiciones, waar we privé dansles kregen van Daisi, een aardige lokale schone en haar oom in ruil voor een paar biertjes.

Castillo del Morro, aan de ingang van de baai was ook de moeite waard, hier zijn we naar toe gegaan met een lokale ferry. Op de terugweg zijn we in een Paladar beland, dit is gewoon eten bij particulieren in de woonkamer, allemaal heel klein en primitief, maar erg lekker.

Naar de stad gingen we altijd met de gua-gua, de lokale bus, die een paar centen kost per rit. Je komt dan meestal uit bij het Parque Céspedes in het centrum. Hier is ook het oude hotel Casa Granda, waar je op het dakterras kan genieten van een mojito bij zonsondergang met uitzicht op de stad en de baai.
  
Varken

's Nachts terug belandden we meestal in een rammelende en puffende erg oude auto, gelukkig zonder stuurslot en rembekrachtiging want bergaf werd altijd de motor uitgezet om brandstof te besparen.

Zaterdag 28 maart: De 50ste verjaardag van onze vriendin Montse wordt feestelijk gevierd op de jachthaven, waarbij alle bootbemanningen aanwezig zijn en ook wat mensen van de marina, waaronder Danelia, de dokter. Ceasar en zijn vrouw hebben een spit geregeld waar de hele dag een varken aan wordt rondgedraaid, 's avonds aan het lopend buffet blijkt hoe lekker dat kan zijn, verder is er nog een enorme vis en erg veel drank...

Maandag 29 maart: Na een dag bijkomen van onze kater klaren we aan het eind van de middag uit. Dit gaat ook weer gepaard met een bezoekje van een paar autoriteiten die de boot nog even doorzoeken en dan weer wat papieren invullen. Om 18:30 uur gooien we los voor onze tocht richting Haïti, dus tegen de wind in. Woensdag 1 april: Na veel gestamp en bijna alles motorzeilend komen we om 12:30 uur weer aan op Ile a Vache, waar we een maand eerder ook al waren. Een paar uur eerder, natuurlijk net tijdens een overstag-manoeuvre, vingen we nog een mooie tonijn, goed voor een maaltijd of drie, o.a. rauw als sashimi ... mmm!

Abaka Bay
   Maandag 6 april: Op Ile a Vache komen we weer een beetje thuis na 3 weken te zijn weggeweest. De boat-boys begroeten ons als oude bekenden en willen graag weer wat aan de boot doen. Ditmaal mogen ze al het roestvrij staal poetsen, wat achteraf geen succes blijkt, want ze halen de roestverwijderaar en de was door elkaar.

We gaan natuurlijk ook een dagje relaxen op ons droomstrandje Abaka Bay, ditmaal in gezelschap van Jill en Rod van de Lookfar, een amerikaans jacht, met wie we lunchen in het hotel aldaar.

Op zaterdag komen onze oude vrienden Geraldine en Christopher van de Scorch binnen zeilen, zij komen uit Curaçao en helpen ons de tonijn op te maken.

Na een paar dagen bijkomen, zijn we zondagmiddag weer verder getrokken naar het oosten.

Het gebeuk moe ankeren we na 24 uur bij Cabo Rojo in de Dominicaanse Republiek. We liggen vlak bij een post van de kustwacht en kunnen hier inklaren, de boot wordt doorzocht en we krijgen een despacho voor de volgende haven. De officials zijn erg vriendelijk en vragen allleen een kleine bijdrage voor de visser die hen naar onze boot gebracht heeft, 3 dollar en een pakje (stokoude) sigaretten volstaan.
Dezelfde nacht nog vertrekken we naar Isla Beata, het zuidelijkste puntje van Hispanjola. Het is maar een paar uur varen, 's nachts beter te doen dan overdag.

Zondag 12 april: Ons verblijf op Isla Beata was maar kort. De plaatselijke commandante moest 10 dollar hebben voor zijn bezoekje aan onze boot. We vroegen om een ontvangstbewijs, dat na veel moeite op een bladzijde uit zijn schrift werd geschreven. Op het laatste moment verfrommelde hij het stukje papier en wierp het overboord...
Aan het eind van de middag kwamen Susan en Joop van de Zeelander bij ons kippenpootjes eten, Joop komt uit Veere, maar woont al heel lang in Amerika, vandaar de naam van de boot.

De volgende stop werd Salinas, waar we in een ruime beschutte baai voor een jachthaventje bij een hotel voor anker zijn gegaan.
De zwaarlijvige official, die al vrij snel aan boord kwam, liep meteen door naar binnen en begon zonder poespas aan zijn pleidooi voor een ruime bijdrage aan het zware werk van de Marina de Guerra. Marijke wilde niet verder gaan dan 3 dollar, omdat het Samana Santa was (de heilige week voor Pasen) gaf ik hem 5 dollar en met een brede grijns vertrok hij weer.

Het dorp bleek verschrikkelijk lawaaiig, in elk winkeltje, annex café, stonden manshoge luidsprekers op volle sterkte tegen elkaar in te blèren. Als je iets wilde hebben moest dat met handgebaren gebeuren want praten was onmogelijk, waarschijnlijk waren de mensen hier ook stokdoof!
Ook de ankerplaats bleek 's avonds niet te worden gespaard door het geluid van de disco van het hotel, gelukkig maar tot 3 uur 's nachts.

Op een gegeven moment, we lagen net even vredig een middagdutje te doen, werden we wakker geschreeuwd met de kreet "anchor dragging!", we konden nog maar net met veel moeite afhouden van de engelse boot achter ons! Dit was een goede les voor ons, ondanks dat we altijd even vol achteruit slaan om het anker te testen was het kennelijk toch losgewerkt door het draaien van de wind 's nachts.

Na een paar dagen wachten op minder harde tegenwind zijn we zaterdagavond de baai uitgevaren om na ongeveer 15 uur hobbelen aan te komen in Boca Chica, waar we uiterst vriendelijk en professioneel werden ontvangen. ZarPar is geen goedkope jachthaven (18 dollar per nacht voor een mooring) maar we kunnen gebruik maken van alle faciliteiten, waaronder snelle WiFi. Ook het lawaai valt mee en er zijn nauwelijks waterscooters op deze drukke 1e paasdag.
  
Tres Ojos


Vandaag (12 april) viert Lily haar 1e verjaardag en we kunnen haar en de familie uitgebreid feliciteren via Skype.

Donderdag 16 april: Afgelopen dinsdag zijn we naar Santo Domingo gegaan, een stukje terug naar het westen. We hebben daar 2 nachten geslapen in Hotel Coco Boutique, meer een smaakvol bed-and-breakfast dan een hotel. Het ligt aan een rustig autoloos pleintje in de Zone Colonial, het oude stadsgedeelte uit de spaanse tijd.

We hebben een paar heerlijke dagen, we dwalen door de oude straten om de sfeer op te snuiven, bezoeken de oudste kathedraal van Amerika die nog steeds wordt gebruikt en het huis waar Columbus ooit gewoond heeft en wat nu ingericht is als museum.
Tres Ojos (drie ogen), onderaardse meertjes in diepe spelonken, zijn meestal erg druk, wij hebben geluk, we zijn er bijna alleen.
Bij ons bezoek aan de Faro a Colón, een gigantisch gebouw boven het graf (??) van Columbus, werden we aangezien voor 65 plus, de cassière kon ons geen kleingeld teruggeven van het veel goedkopere ticket en incasseerde met een brede glimlach haar fooi...

Briciola is een italiaans restaurant in een heel oud spaans huis, we hebben daar in de patio onder de sterren heerlijk en romantisch gegeten.
Later op de avond kwamen we terecht in een klein theater, waar we een fantastische jazz-sessie hebben bijgewoond.

Kayakken
   Zondag 19 april: Gisteren al vroeg vertrokken - dan is de wind meestal wat minder - naar de Rio Cumayasa een rustige rivier waar we op een mooie plek voor anker zijn gegaan. Eindelijk weer eens wakker worden door het gezang van vogels!

Een stukje verderop ligt de Lookfar met Jill en Rod die we al een paar keer zijn tegengekomen. We eten over en weer bij elkaar en vandaag hebben we met hun kayaks en dinghy de rivier verder stroomopwaarts verkend.

Woensdag 22 april: Na ons verblijf op de rustige rivier zijn we nu in een dure marina aanbeland: "Casa de Campo". Hier liggen de luxe motorboten en megajachten. Omdat we maar het laag- in plaats van het hoogseizoentarief hoeven te betalen en bovendien aangeslagen worden voor 2 van de 3 nachten die we hier zijn, valt het bedrag nog mee (NB achteraf zei ze dat dat een vergissing was...). Voor alles moet echter extra worden betaald zoals water, electriciteit, een verloopkabeltje en WiFi op de boot (wel gratis in het café).

We zijn ook snel genezen van uit eten gaan, voor het eten van een pizza met een glaasje wijn zijn we erg veel geld kwijt, 4 x keer zoveel als bij Angelo Betti, onze favoriete pizzeria in Rotterdam!

Ons plan is om binnenkort verder te gaan en nog een paar dagen te ankeren bij Isla Saona, aan het zuidoost puntje van Hispanjola. Vandaar willen we dan oversteken naar Bonaire, waar Monique, Ringo en de kinderen begin mei vakantie komen vieren.

Zaterdag 25 april: Ons vertrek uit de Dominicaanse Republiek was eerder dan we dachten. Het eiland Saona en het vaste land er tegenover (Las Palmillas) waren prachtig om te zien, goudgeel zandstrand met overal palmbomen, maar overdag waren er erg veel grote catamarans en snelle grote motorboten die honderden toeristen kwamen brengen. Het was ook gevaarlijk om overdag te zwemmen, veel snelle boten voeren vlak langs.

Bij het inklaren in de DR bij Cabo Rojo op 6 april, kwamen 3 man aan boord, waarvan 2 de boot doorzochten. Veel papieren werden ingevuld en we werden welkom geheten in de Dominicaanse Republiek, een stempel in het paspoort was niet nodig zeiden ze. Later hoorden we wilde verhalen over de immigratie en het verkrijgen van een visum, sommigen waren honderden dollars kwijt, zonder ontvangstbewijs natuurlijk. We werden wat onzeker of we nu wel of niet een visum nodig hadden en hebben daarom het officiele uiklaren maar voor gezien gehouden. Ook zijn we niet zelf op bezoek gegaan bij de commandante van Isla Saona waar we bij vertrek op schootsafstand langs voeren...

De passaat doet erg zijn best om ons snel in Bonaire te krijgen. Onze koers is bijna zuid, de wind is oost, af en toe iets noordelijker, voor ons halve wind maar door onze snelheid wordt dit aan de wind. De windsterkte is gemiddeld tussen de 20 en 25 knopen, windkracht 6, af en toe bij een bui is het zelfs een tijdje boven de 30 kts en soms ook even onder de 20 kts. In het begin, nog in de lij van het land, spuiten we met rond de 8 knopen vooruit en is het fantastisch zeilen. Naarmate de golven hoger worden begint het toch wel oncomfortabel te worden.
Vandaag komen de hoogste golven uit het oosten, verder komen ze ook uit andere richtingen, de zee is daardoor erg chaotisch en we krijgen veel water over en af en toe lijkt het of we op een stuk beton te pletter slaan (paaltjes pikken in zeilerslatijn).
Lizzy beweegt heel heftig en we leggen ons daar maar bij neer, ook letterlijk!
We nemen elke 9 uur trouw ons zeeziektepilletje en daardoor voelen we ons niet echt ziek, maar top is anders...

Maandagavond 27: Om 21:00 uur haken we aan een meerboei op Bonaire en vallen na een snel drankje al snel diep in slaap.

Als we de volgende dag van de boot in het water springen worden we warm verwelkomt door onze visjes, ze zijn ons natuurlijk nog niet vergeten...
Toen we wat later nog maar een uurtje aan de wal waren hadden we de meeste bekenden alweer gezien.
We voelen ons weer lekker thuis...

Donderdag 30 April: In Rincon wordt Dia di Rincon gevierd, ontstaan omdat uitgewaaierde familieleden op deze dag terug kwamen naar Rincon om koninginnedag te vieren. Van lieverlee is dit uitgegroeid tot een grote feestdag met veel muziek en dans en met allerlei stalletjes langs de route.
Barbara en Paul van de Queimarla uit Australië vergezelden ons op deze leuke dag en ook Anja en Hans van de Fiddlesticks kwamen we weer tegen.
  
Bonaire June en Marijke
Geheel onverwacht kwamen oud-collaga's Ellen en Martin langs. Net zoals vorig jaar hadden ze samen een reis als bemanning en op hun vrije dag (vrijdag 1 mei) zijn we een rondje om Klein Bonaire gaan varen. Uit Quito hadden ze garnalen en wijn meegenomen en er werd dus weer een erg gezellig feestmaal aangericht!

Van 9 tot 17 mei komen dochter Monique en familie (Ringo, June en Lily) hier een tijdje vakantie vieren, we zien er natuurlijk ontzettend naar uit, vooral Marijke kan niet wachten om de kleinkinderen te knuffelen!
Ze slapen niet aan boord, dus iedereen kan lekker relaxed genieten.

Lily - Bonaire
  





We hebben zo lang een oude pick-up gehuurd, heel gemakkelijk om de koffers van en naar het vliegveld te vervoeren en om alle spullen voor de kinderen mee te nemen als ze komen zwemmen of als we een toertje maken over het eiland.

Rond 16 mei komen onze buren Ilona en Wim ook weer deze kant op. We hoeven ons dus niet te vervelen (wat we toch al niet deden)!
Zij hebben een prachtig appartement gekocht aan het water, niet al te ver van onze mooring.

Intussen hebben we afgesproken om half juli de boot op de kant te zetten op Curaçao en dan voor een paar maanden naar Nederland te komen. Het schijnt goed te zijn voor een polyester schip om af en toe eens goed te kunnen drogen. Tevens kunnen we dan in Nederland vieren dat Marijke 60 jaar wordt en kan ik de reunie bijwonen van mijn oude school in september.
Zaterdag 6 juni is er in het Plaza Hotel een fantastisch jazz-concert met o.a. Hans Dulfer (wat een swing!) en Monty Alexander.

  
Ezeltje
Ons buitenboordmotortje begon kuren te vertonen, hij begon door te slippen, gelukkig blijkt Bram van de Jacuzzi, een specialist en in een oogwenk was dit euvel ook weer opgelost!

Een ander probleempje betrof onze Bimini, het stiksel kan kennelijk niet tegen zonlicht (uv) en begint overal tegelijk spontaan los te laten. We laten dit maken bij Marlis, zij maakt o.a. leuke tasjes. Een paar dagen later krijgen we hem weer terug, de lucht van kattepies waait er na verloop van tijd wel weer uit, maar het stikwerk is niet meer om aan te zien...

Een leuk uitstapje blijkt een rondgang door het Donkey Sanctuary Bonaire. Er zijn veel loslopende ezels op Bonaire, ze zijn een gevaar voor het verkeer en af en toe wordt er een aangereden. Zieke dieren worden naar de opvang gebracht en liefdevol verzorgd. Ezels blijken erg lieve en aaibare dieren.

kolonisten
  


De maand Juni gaat snel voorbij, we doen heel veel leuke dingen (bijv. zondags naar Lac of Rincon), gaan af en toe uit eten en doen een paar keer een spelletje Kolonisten met onze vrienden van de Alom en de Baros.

Marijke is een soort surrogaat-oma van Elmar (Alom). Als Camiel en ik gaan scuba-duiken, komt hij bij ons aan boord een (warm!) badje nemen.

We hebben een tijdje de beschikking over een auto (Jenifer en Rudi), af en toe gaan we met Esther en Camiel snorkelen. Esther heeft op haar verjaardag een boek over visjes gekregen, binnen enkele dagen kent ze de onderwaterwereld als haar broekzak.
Vrijdag 10 juli organiseren Jenifer en Rudi, die op het eiland wonen, een barbecue op het strand voor Geraldine en Chris van de Scorch en ons. We sprokkelen aangespoeld hout aan de zuidoost kust van Bonaire voor een kampvuur, binnen een paar minuten hebben we een pick-up vol. Alles wordt uit de kast gehaald voor een zeer geslaagde avond, zelfs een regenbuitje kan daar niets aan afdoen.

Zondag 12 juli: Naar Fuikbaai op Curaçao, we genieten van de doordeweekse rust (in het weekend is het daar een gekkenhuis met veel lokale motorboten en jetski's).
Volgende dag Tom opgepikt van de Tinto op het Spaanse Water en daarna gelijk doorgevaren naar Curaçao-Marine, alwaar de boot woensdag 15 juli op de kant gaat en wij naar Nederland vliegen.
  
Door de kanalen in Frankrijk
De verjaardag van Marijke op 3 augustus hebben we gevierd met de (grote) kinderen in de "De Kastanjehof" in Lage Vuursche.
Het was ontzettend gezellig, veel gelachen, lekker gegeten en gedronken (misschien zelfs wel een glaasje te veel door het uitgebreide wijnarrangement) en heerlijk geslapen.

De rest van de maand was ik (Rudi) op de "Gulliver", de boot van buurman Wim, die we samen hebben overgevaren van Port Camargue aan de Middellandse Zee naar Schiedam. De route ging eerst een stukje over zee naar Port St Louis, vervolgens via de Rhône, de Saône en de kanalen van Noordoost Frankrijk naar de Maas, 231 sluizen in 18 dagen.

We troffen het erg goed met het weer (een enkel keertje zelfs te warm, airco was toen wel een uitkomst) en het was een prachtige tocht, vooral het noordoosten van Frankrijk was magnifique! Hel land waar het leven goed is... De maand september is voorbij gevlogen met veel bezoekjes van en aan familie en vrienden en oppassen op de kleinkinderen (erg leuk!). Verder hebben we een visum voor Amerika geregeld (verplicht als je met je eigen boot in Amerikaanse wateren komt) en allerlei karweitjes gedaan zoals belastingen regelen en dingetjes voor het huis en de boot bestellen en doen.

De reünie van het Libanon Lyceum ging niet door helaas, deze zou worden gehouden op de oude Rotterdam, dit schip wordt echter voortdurend geplaagd door tegenvallers en was nog niet klaar. Het is nu gepland voor maart 2010, het zal ons benieuwen of dat gehaald wordt...
Curacao2009 van Luc Rintel
   Zondag 4 oktober: Vandaag met schoonzoon Ringo naar Curaçao gevlogen, de landing, waarbij ik in de cockpit mocht zitten, was weer als vanouds, net of ik niet al vier en een half jaar met pensioen ben.

Volgens afspraak gaat Lizzy de volgende dag te water, aangezien er nog een laagje anti-fouling op moest, werd het te laat om nog naar het Spaanse Water te varen. Dit doen we de volgende dag met Ringo en nog 2 charmante opstappers van zijn crew. Hierbij worden we op de gevoelige plaat vastgelegd door een passant, die ons de foto's later mailt!

Intussen ben ik alweer helemaal thuis, er liggen vele bekenden zoals de Alom, de Baros, de Tinto, de Scorch, de Witte Raaf en de Netjer en ik word diverse keren te eten gevraagd.

Dinsdag 27 oktober komt Marijke ook naar de boot, zo langzamerhand begint het vaarseizoen weer...
  
Daan

Sully is een griend (pilot whale), die in juli is gestrand in de buurt van Jan Thiel, niet ver van het Spaanse Water. Hij was er slecht aan toe, maar met veel inspanning is hij er bovenop gekomen.
Het idee is om hem weer aan een langstrekkende groep grienden mee te geven, tot nu toe is dat mislukt en blijft hij bij de de boot die hem elke dag uitlaat. Als dit niet lukt is het alternatief om hem bij soortgenoten in een zee-aquarium te stoppen.
Sully moet 24 uur per dag worden bewaakt, dit gebeurt door vrijwilligers, ook ik ben een aantal nachten van 3 tot 6 uur aan het babysitten geweest.

Net zoals Elmar van de Alom is ook Daan van de Netjer vertederend, ook door hem wordt Marijke een beetje als oma gezien. Als Marijke slaap-kindje-slaap speelt zie je hem helemaal wegdromen...
Als Sylvia, Jeroen en Daan vertrokken zijn, krijgen we vanuit Santa Martha Baai, aan de westkant van Curaçao, een smsje of we komen lunchen omdat Daan zijn buren mist! De Netjer ligt helemaal alleen in deze nu nog prachtige baai!
Visjes Bonaire
   Het Spaanse Water nodigt wat minder uit om te zwemmen, het is niet echt vies, maar er liggen veel bewoonde boten en ook de riolering van de huizen langs de kant schijnt hier nog op uit te komen.
We zwemmen wel en spoelen ons goed af, het ergste wat we er aan over houden is alleen af en toe een zeer oortje (komt veel voor in de tropen en is heel gemakkelijk te verhelpen met oordruppels).
Het is wel een mooie beschutte plek om te verblijven, nog gratis ook. Met een oud autootje op de kant is al het leuke van Curaçao binnen handbereik.
Via een actief radio-netje (ch. 72) elke morgem om 07:45 worden ook de laatste nieuwtjes uitgewisseld, spullen geruild etc. Er is ook altijd wel iemand om te helpen als er iets kapot gaat.

Het kleinschalige en opgeruimde van Bonaire, het eindeloze uitzicht, de mooie kleur van het heldere water trekt ons toch meer, alleen betalen we hier 10 dollar per dag voor een mooring want zelf ankeren is hier vanwege het mooie koraal verboden.

Dinsdag 10 november weten we ons eindelijk los te rukken, we vertrekken richting Bonaire, waarbij we onderweg nog een nachtje ”Klein” (= Klein-Curaçao) doen. Heerlijk om weer in helder water te kunnen duiken, we kunnen eindelijk de visjes weer eens zien!

Zo langzamerhand gaan we ons voorbereiden op een vertrek, het orkaanseizoen is bijna voorbij. We willen als het weer niet al te veel tegenzit naar Puerto Rico varen en dan verder met de klok mee de overige Caribische eilanden bezoeken, te beginnen bij de Maagdeneilanden (Spaanse, Amerikaanse en Engelse).

Maandag 30 november: De laatste dag van het orkaanseizoen. Na het nodige stampen en op één oor liggen (wat nog steeds niet went!) zijn we na een snelle overtocht (375 Nm in 54 uur) aangekomen in Boqueron op Puerto Rico. In het begin hebben we de motor een tijd bij gehad om bij Bonaire snel door een gebied met buien en hardere wind te gaan en later, toen het er naar uitzag dat we bij daglicht aan zouden kunnen komen, heeft Torretje ons weer geholpen. NB We hebben een Torretje en een Knorretje, Torretje duwt ons in de goede richting en Knorretje zorgt af en toe voor extra stroom.
Om 14:00 uur lieten we het anker vallen en een uur later sprongen we in een taxi (Raul, tel.nr. 787-519-3177) om nog net op tijd in te klaren in Mayaguéz.
Tijdens de oversteek is de wind ons steeds gunstig gezind geweest: in het begin zuid van oost zodat we hoogte konden winnen en toen hij later tot boven de oost was gekrompen, konden wij ook mee afvallen. De windsterkte was grotendeels tussen de 15 en 20 knopen, in het begin en tegen het eind af en toe wat harder.
's Avonds, staande bij het dinghy dock werden we getrakteerd op een mooie zonsondergang mét groene flits! We hebben lekker gegeten bij Galloway's, met uitzicht op de baai.

Puerto Rico bevalt ons, de mensen, die we ontmoet hebben, zijn allemaal erg aardig. Het is heerlijk weer, iets koeler dan de afgelopen maanden met 's middags af en toe een buitje tegen het stof.
De supermarkten zijn goed voorzien en goedkoop (amerikaans). Wel moesten we vanuit Boqueron een taxi nemen omdat in het plaatsje zelf niet veel te krijgen was. Donderdag 3 december: Vroeg op, want dan is er nog weinig wind, en om half zeven anker op. Rond Cabo Rojo naar La Parguera, waar we om 10 uur, tussen een paar rif-eilandjes, een mooring oppikken. Het was een leuk tochtje tussen de riffen door, de kaartplotter kwam hier goed van pas.
We liggen hier prima, overdag goed beschut voor de af en toe krachtige wind uit het zuidoosten, 's nachts valt de wind bijna weg en komt dan zwakjes uit het noorden.

De "New Create" met aan boord Joy en Hans, die we voor het eerst tegenkwamen in Boqueron ligt hier ook. Zij hebben een iets hoger tempo en gaan voor ons uit naar het oosten, waarbij ze ons voor zover mogelijk via de VHF (marifoon) op de hoogte houden.

Zaterdag 5: Verkast naar La Parguera zelf, een klapje links en een klapje rechts tussen de mangrove-eilandjes door en dan kom je in een ondiep kommetje vlak bij het centrum, met 2 boten voor anker is het er vol. Het plaatsje stelt niet veel voor, er liggen wel mooie, kleurrijke woonboten. We eten 's middags in het lokale hotelletje aan de vijver waar Lizzy ligt te pronken.

De volgende dag gaan we weer anker op in het eerste licht en terwijl we tussen de riffen door schuifelen zien we een prachtige zonsopkomst.
Om half negen ankeren we in een mooie rustige baai tussen Gilligan's Island en Punta Jacinto achter de Cayos de Cana Gorda.
Het is hier heerlijk rustig en mooi, bijna helemaal omringd door mangrove, we houden er een een tijdje vakantie. Soms liggen we alleen, soms zijn er nog een paar andere boten, waar je absoluut geen last van hebt, want je ligt ver van elkaar af. Kleren hebben we alleen even aan als we de kant gaan verkennen.

Vrijdag 11 - vrijdag 18 december: Het fruit is op, dus moeten we verder naar Ponce, een grote stad aan de zuidkust van Porto Rico. Eigenlijk hadden we gisteren al willen gaan, maar de wind die normaal 's nachts naar het noorden krimpt en zwak wordt, bleef de hele nacht oostelijk en vrij krachtig.
Om 05:00 uur staan we op en na 3 uur varen pikken we een boeitje op in de haven waar ook de jachtclub is.
's Middags nemen we een taxi naar een SuperWallmart (in de Verenigde Staten een enorme keten van winkels) en kunnen daar uitstekend boodschappen doen.
Al vroeg in de avond begint de muziek langs de haven en wat later schettert er van 3 kanten van alles door elkaar heen. Binnen de boot wordt het lawaai overstemd door onze ventilator in de slaapkamer, zodat we na enige tijd toch in slaap vallen.

  
Taino indianendorp
Op zaterdag zien we in de verte een grote catamaran dichterbij komen, het blijken Joke en Henk van de Zeevonk, die we al kennen van Bonaire en Curaçao. De komende dagen zullen we af en toe met elkaar optrekken, zondag vieren we de verjaardag van Joke.

Woensdag en donderdag huren we samen met Joke en Henk een auto. De eerste dag een prachtige tocht doot het binnenland, waarbij we o.a. een oude indiaanse (Taino) ceremoniele plek bezoeken en genieten van de mooie bergen. De volgende dag gaan we weer naar indiaanse opgravingen, Tibes, net noord van Ponce. Hier krijgen we een fantastische rondleiding van Lu¡s. Hij ziet er uit als een echte indiaan en weet behalve alles over de opgravingen ook erg veel van alle planten en hun geneeskrachtige werking!

Zaterdag 19 december: Weer vroeg op, ditmaal ongeveer 20 mijlen naar Salinas. De zee is vrij ruw, de wind is vandaag nauwelijks noordelijk geweest en komt al weer heel vroeg uit het zuidoosten, niet erg hard gelukkig.
Het blijkt hier een prachtige ankerplek te zijn, ruim en goed beschut. Achterin, dichtbij de marina, is het vrij druk, we ankeren dus dichtbij zee. Het is hier heerlijk rustig na Ponce, alleen het ruisen van de zee in de verte is te horen.
Er zijn hier ook Lamantijnen (zeekoeien) in de baai, tot nu toe hebben we ze alleen op een afstandje gezien, ze schijnen soms ook vlak bij de boot te komen, bij de buurman wilde er zelfs een met zijn bijboot van bil.

Judith en Erik wonen al 6 jaar in Puerto Rico, zij zijn een grote stalen zeilboot aan het opknappen en willen over 2 weken uitvaren en verder de wijde wereld in met hun nog kleine kinderen. Zij zijn erg aardig en makkelijk en nemen Marijke een paar keer mee om boodschappen te doen met hun auto, ook mogen we hun mooring dichtbij de marina gebruiken.

Woensdag 23: Zojuist even met een Lamantijn gezwommen, ze zien er heel goedmoedig uit. Ik kon hem zelfs even aanraken, hij keek me even nieuwsgierig aan. Onder zijn buik zwommen 2 grote zuigvissen mee. Toen er een motorboot aan kwam varen zwom hij snel weg.

Vrijdag 25 december: Kerst gevierd in de Cruisers Galley, een eetcafeetje, speciaal met het oog op de zeil-zwervers. De twee wat oudere amerikaanse dames hadden hun uiterste best gedaan: lekkere salades, natuurlijk kalkoen en alles wat er volgens de engels-amerikaanse traditie bij hoort. We zaten aan een interessante tafel met de Zeevonk en twee amerikaanse boten.

Zondag 27 - maandag 28 december: In alle vroegte (5 uur!) glijden we de ankerbaai bij Salinas uit en motorzeilen we grotendeels achter het rif bij een zwakke landwind verder naar het oosten. Om 9 uur worden we bij Puerto Patillas ontvangen door een paar grote lamantijnen, log zwemmen ze kalm bij ons vandaan. Het is een ruime open, beetje dromerige baai met aan de zeekant ondieptes die beschutting geven, we liggen desondanks af en toe stevig te rollen in een bijna onmerkbare deining.

Ook maandagmorgen varen we vroeg uit. Het gaat lekker, met weinig wind varen we onze oorspronkelijke bestemming, Palmas del Mar, voorbij en gaan voor anker bij het apeneiland Cayo Santiago, waar apen worden bestudeerd in hun natuurlijke omgeving. Ook hier liggen we te rollen en het water ziet er niet fris uit, dus gaan we weer anker op en varen met de stroom mee verder naar Isla Pineros, waar we even voor het middaguur aankomen. Volgens de gids is hier in de Pasaje Medio Mundo een onder alle omstandigheden beschutte ankerplek. Dit blijkt mee te vallen, over de ondieptes komt er nog veel deining binnen die als flinke branding eindigt op het strand vlak bij ons. In de Pasaje staat een getijde-stroom, dus 2 keer per dag liggen we een uurtje flink te rollen als het tij keert, waarna we de waterleiding door moeten blazen omdat door het rollen kalk los komt en de leiding vestopt, een oud en steeds terugkerend irritant probleem.
De deining van de laatste dagen houdt verband met een storm ver op de Atlantische Oceaaan, er zijn voortdurend waarschuwingen en aan de noordkust is er reeds een toerist verdronken.

Dinsdag 29 - donderdag 31 december: Het is minder dan een uur varen naar Puerto del Rey Marina. We hebben hier electriciteit, water en WiFi, zodat we lekker kunnen wassen en internetten en ook uitgebreid boodschappen kunnen gaan doen. Voor de accu's is het goed om eens helemaal opgeladen te worden, met alleen de generator en de zonnepanelen is dat wat moeilijk.
Het is een grote jachthaven en we liggen ver van de ingang, als het regent of als we zware boodschappen hebben, worden we met een soort golfkarretje van en naar onze boot gebracht.

Het blijft nog een tijd onrustig op zee wat deining betreft en we besluiten van de nood een deugd te maken en hier een week te blijven. We huren een auto en boeken een hotel in Old San Juan.
Alles is hier bij de hand zoals grote amerikaanse supermarkten en shopping malls en een hele goede watersportwinkel (West Marine).

Op oudejaarsdag gaan we naar ons ons hotel. In het oude stadsdeel, dat op een schiereiland aan het begin van de baai ligt, is het erg druk en stapvoets rijden we door de smalle straatjes. El Convento was een klooster tegenover de oude kathedraal, men heeft er een smaakvol, elegant hotel van gemaakt met nog veel spaanse invloed.
Er is 's nachts op het Plaza de Colón een groot feest met vuurwerk om middernacht, daar vlakbij is Sofo, waar veel restaurantjes zijn.


Fijne feestdagen!


Naar 2010...
(Update: 11 februari 2011)